woensdag 21 oktober 2026

KOEMPELMIS 18 oktober – DOMANIALE MIJN,

oftewel “DE HOLLENDSJE KOEL”


Wie mijn boek ‘Toen de schachten stilvielen’ gelezen heeft en/of me het afgelopen jaar heeft gevolgd, weet dat ik de meeste ijkpunten in de Mijnstreek die met het mijnverleden te maken hebben, heb bezocht.

Domaniale Mijn
Op zondag, 18 oktober heb ik er een bezoek aan een koempelmis aan toe gevoegd. De koempelmissen zijn jaren geleden in het leven geroepen om de mijnwerkers die in de loop van de jaren in de mijnen verongelukt zijn, te eren en gedenken. Elke maand is een van de 12 mijnen daarvoor aan de beurt.

Onderonsje tussen enkele koempels voor de dienst
Vanuit Venlo is het niet te doen om daar iedere keer voor naar Landgraaf te gaan, want daar worden de diensten gehouden in de Petrus en Pauluskerk, dus ik moest een keuze maken. Natuurlijk koos ik voor de dienst waarin de Domaniale Mijn in Kerkrade, de mijn van mijn vader, aan de beurt was. Gelukkig is mijn vader daar niet verongelukt, maar dat gebeurde - lang voor mijn geboorte - wel met zijn 9 jaar oudere broer, mijn oom Caspar. Ik heb hem nooit gekend, maar zijn lot hing in mijn jeugd als een zwaard van Damocles boven ons hoofd. Ook mijn vader kon dat lot treffen.

Koempels op de eerste rij
Dat ze al een kind aan de mijn verloren waren, maakte het voor mijn grootouders en zijn zussen moeilijk om jaren daarna ook mijn vader ‘naar onderen’ te zien gaan om daar zijn brood te gaan verdienen. Maar hij had niet echt een keuze en in de Mijnstreek gold het risico op een (dodelijk) ongeval als iets wat er ‘nou eenmaal’ bij hoorde. Ook daarover kun je lezen in mijn boek.

Koempel met mijnwerkerslamp

De namen van de verongelukte mijnwerkers kun je vinden in de Gedachteniskapel in Terwinselen, Landgraaf. De kapel is gewijd aan de Heilige Barbara, de patrones van de mijnwerkers. Op de muren vind je de namen van de 1169 ondergronds omgekomen mijnwerkers. Die van de 286 bovengronds omgekomen mijnwerkers staan vermeld op een plaquette. Ook het jaar waarin ze verongelukten, is vermeld.

Koempels zingen zoals altijd het Steigerlied

Het gebouw werd in 1949 gebouwd en was oorspronkelijk het mortuarium van de Staatsmijn Wilhelmina. Later was ze tot 2001 in gebruik als transformatorhuisje. Vanaf 2002 doet het dienst als gedachteniskapel.

'Glück Auf', de groet, waarmee de mijnwerkers elkaar een behouden dienst wensten.

Het was een mooie, indrukwekkende dienst in een bijzonder goed gevulde kerk. Als ik dichterbij zou wonen, zou ik vaker gaan, maar ik ben in de toekomst vast nog wel eens van de partij…


Nieuwsgierig geworden naar de rest van mijn boek? Je kunt het nog bestellen via de link: www.ereprijscoaching.nl