woensdag 13 augustus 2025

 JE VERVELEN ZONDER JE TE ‘VERVELEN’


'Ik verveel me hier altijd dood, maar ik was wel aan het werk,' zei de jongen die het brood voor me sneed.

Wat denk je, als iemand zegt dat hij zich verveelt? Waarschijnlijk dat ie niets te doen heeft en dat vervelend vindt. Dat betekent het in de volksmond. Misschien denk je ook: zoek een bezigheid, keuze genoeg!

Na drie boeken over bore-out ken ik natuurlijk de andere betekenis, maar ook ik vergeet die soms, zoals bleek tijdens mijn bezoek aan de supermarkt.



Ik zocht naar iemand die mijn brood zou kunnen snijden, toen ik zag dat een jongen, ik vermoed een scholier of student die dit werk als bijbaan doet, in gevecht was met een stapel dozen. Hij had het al vaker voor me gedaan, dus ik vroeg hem vriendelijk: 'Mag ik je weer eens aan het werk zetten? Wil je dit brood voor me snijden?' Hij liet de dozen voor wat ze waren en kwam doen wat ik vroeg.

Ineens besefte ik, dat mijn vraag niet juist geformuleerd was en misschien zelfs wat neerbuigend had geklonken en zei daarom: ‘Ik bedoelde niet, dat je je aan het vervelen was, hoor!'

Zoals je hierboven las, was zijn commentaar dat hij zich altijd verveelde tijdens zijn werk. 'Dat kan natuurlijk,’ wist ik toen weer, 'dan doe je het wellicht voor de centjes?' 'Zo is dat,' was zijn bondige conclusie en hij stopte het gesneden brood weer in zijn zak.

Ik bedankte hem voor de moeite en bedacht dat hij de perfecte omschrijving had gegeven van wat kan leiden tot een bore-out: genoeg te doen hebben, maar er totaal geen lol aan beleven en dat niet even, maar gedurende een lange periode.

In mijn jeugd waren er geen bijbaantjes, maar mijn vakantiebaantjes vond ik allemaal vreselijk. Het eerste op de groente- en fruitafdeling van een supermarkt, tijdens het tweede maakte ik jubileumboeken verzendklaar voor een brouwerij en de derde keer was de gezinszorg mijn werkterrein. Drie perfecte ervaringen om me te leren wat ik zeker niet wilde doen in mijn werkende leven. Het geld dat ik ermee verdiende, was mijn drijfveer, dat ik er na vier weken vanaf zou zijn, hielp ook om het vol te houden.

Maar wat, als zo’n baan niet tijdelijk, maar vast is? Als de verveling je al bekruipt bij het opstaan en op zijn hoogtepunt is, als je je werk 's middags afrondt? Als je weet dat je over twee jaar nog steeds hetzelfde doet en ook na twintig jaar? Vooropgesteld, dat je niet in actie komt, natuurlijk!

Dan kan de stress gaan zorgen voor lichamelijke en fysieke klachten. Je gedrag verandert en je wordt ziek, de situatie die bore-out heet.

‘Je vervelen’ betekent niet altijd dat je niets omhanden hebt. Het is ook mogelijk dat je je bezigheden zo saai en vervelend vindt dat je er tenslotte aan onderdoor gaat. En helaas is het niet voor iedereen zo simpel om wat anders te gaan zoeken...

zondag 3 augustus 2025

 STOPPEN MET PLEASEN, HOE DOE JE DAT?

Gedrag waar je in vrijheid voor kiest, is geen pleasegedrag.

‘Ze wordt 70, maar ik ga niet naar het feest!’

Haar blik zonk weg in haar verleden. De opmerking betrof haar buurvrouw van toen ze als kind bij haar ouders woonde. Ze was in onze gesprekken al vaak voorbij gekomen. Thuis was het onveilig. Als haar vader dronken was, was er ook geweld. Meestal verbaal, vaak fysiek en als het servies naar haar moeders hoofd vloog, glipte ze stiekem de achterdeur uit. Weg van het geschreeuw en de dreiging. Ze klom over het tuinhek en de deur van de buurvrouw stond altijd op een kier. Buurvrouw aaide over haar hoofd, gaf haar thee en een koekje. Als aan het lawaai niet te ontkomen viel, gingen ze samen boodschappen doen. Bij buurvrouw was het veilig.



Dat was jaren geleden en buurvrouw werd nu dus 70.

'Waarom ga je er niet heen?’ vroeg ik haar.

Ze was in therapie geweest en had geleerd om niet meer te pleasen. Pleasegedrag had haar gered van haar vaders gewelddadigheid. Ze gaf hem koffie en schudde zijn kussen op, voordat hij neerplofte om zijn roes uit te slapen. Haar had hij nooit geslagen. Doordat ze hem gunstig kon stemmen of van hem wegvluchtte naar de buurvrouw. Haar toevluchtsoord, haar veilige plek.

‘Door steeds voor anderen klaar te staan, ga ik voorbij aan mijn eigen behoeften,’ was haar antwoord. ‘Pleasen, dat doe ik niet meer.’

‘Hoe heb je dat pleasen geleerd?’ vroeg ik. ‘Bij mijn vader natuurlijk, als we niet naar zijn pijpen dansten, zwaaide er wat. Als ik deed wat hij wilde, bleef het rustig.’
‘Dus wat kreeg je ervoor terug?’ ‘Schijnveiligheid,’ antwoordde ze prompt. Ik zweeg.

Toen vroeg ik wat de buurvrouw van haar wilde, als ze haar binnenliet en voor haar zorgde. ‘Niets’, concludeerde ze na een tijdje, ‘ze was gewoon aardig.’

‘Is het dan pleasen, als jij naar haar verjaardag gaat?’ In stilte woog ze de feiten af tegen het in therapie geleerde. ‘Nee,’ zuchtte ze tenslotte. ‘Ze zal het jammer vinden, als ik niet kom, maar ze eist niets van me en ze manipuleert me ook niet.’ Opgelucht stond ze op met de woorden: ‘Ik wil er graag naar toe, maar ook trouw zijn aan mezelf.’

Soms schieten mensen door in nieuw gedrag dat ze leren in therapie of coaching. Gedrag waarmee ze opkomen voor hun eigen behoeften. Wie altijd voor iedereen klaarstond, gaat egoïstische trekjes vertonen. Wie overliep van behulpzaamheid, wil niets meer voor een ander doen. Wie altijd stil in een hoekje zat, heeft op alles een weerwoord.

Soms is dit even nodig om nieuw gedrag te oefenen. Vervolgens is er de vraag: doe ik iets omdat ik het zelf wil, of omdat ik geen keuze heb en hoop er iets voor terug te krijgen?


Als je vanuit vrije keuze aardig bent voor iemand, is dat geen pleasegedrag.


Als je belangstelling hebt voor het bijwonen van

de presentatie van mijn nieuwe boek 'De stille

kracht van twijfel' op 4 september 's middags in

het Ald Weishoes in Venlo, laat het me even

weten.

Je kunt een bericht sturen naar

ereprijstenc@gmail.com, dan stuur ik je de link

van de uitgever die je nodig hebt om je aan te

melden...


donderdag 17 juli 2025

 

MISVERSTANDEN OVER  BEDRIEGERSGEVOELENS

Regelmatig lees ik berichten over het bedriegersfenomeen, het thema van mijn laatste boek. Natuurlijk ben ik daar blij mee, maar niet met de richting die het soms opgaat. We moeten dit fenomeen relativeren, twijfel is gezond, wie twijfelt is te vertrouwen en van twijfel kun je leren. Klopt allemaal wel enigszins, maar er is ook een keerzijde.

Die teksten vertellen zelden waar het aspect ‘bedrieger’, imposter, op slaat. Gelukkig voelt niet iedereen die wel eens twijfelt zich een bedrieger!





Wie last heeft van bedriegersgevoelens, durft er niet op te vertrouwen dat zijn prestaties het resultaat zijn van zijn competenties en dat gaat verder dan twijfel. Dat iets hem (goed) lukt, ligt niet aan hem, maar aan het toeval, de makkelijke klus, de vriendelijke examinator en meer buiten hemzelf gelegen oorzaken. Uit angst voor gevolgen als verlies van baan, salaris, vriendschap en status meldt hij dit niet. En DAT maakt hem in zijn eigen ogen tot een bedrieger. Hij vindt dat hij het beeld in stand houdt dat hij meer voorstelt dan hij kan waarmaken en dat zorgt voor angst voor een volgende uitdaging. Maar hij heeft die capaciteiten wel, hij levert zo’n prestatie niet per ongeluk en het is in zijn belang dat hij daarvan overtuigd raakt. Dit misverstand betreft dus de persoon met bedriegersgevoelens zelf.

Misverstanden in de buitenwereld:

* Door je onzekerheid bereid je je op alles tot in de puntjes voor, waardoor je goed of zelfs uitstekend presteert. Dat is meestal waar, maar het extreme perfectionisme dat hier het resultaat van kan zijn, is niet gezond, als je over je grenzen gaat met stress en burn-outklachten als gevolg.

* Iedereen heeft er last van, maar sommigen kunnen het goed verbergen. Natuurlijk twijfelt iedereen wel eens, de een vaker dan de ander. Maar bij mensen met bedriegersgevoelens neemt dit ongezonde vormen aan. Zij verbergen hun twijfelgevoelens bovendien altijd, zoals je hiervoor kon lezen en het is in hun belang om er juist over te gaan praten.

* Het betreft vooral of alleen vrouwen. Wetenschappelijk onderzoek ondersteunt dit niet. Dat ik voor mijn boek meer vrouwen vond om te interviewen dan mannen, heeft waarschijnlijk andere oorzaken dan dat ze in de meerderheid zijn.

* Het komt door de patriarchale samenleving. Ook die aanname  gaat ervanuit dat vooral vrouwen 'slachtoffer' zijn. De dieper liggende oorzaken laten echter zien dat er meer aan de hand is.

Dat het bedriegersfenomeen geen syndroom is, heb ik al vaker uitgelegd.

Sommige conclusies en misverstanden zijn beslist niet in het belang van de mensen om wie het gaat. Als ik ze tegenkom, ontzenuw ik ze zo goed mogelijk. Maar mijn boek telt ruim 240 pagina’s, dus dat lukt niet in 5 regels. Daarom is mijn dringende verzoek om het te lezen en te zien waar het echt om gaat. Hoe sneller de maatschappij bekend is met de feiten, hoe sneller het fenomeen genormaliseerd kan worden.

O.a. te koop via mijn website www.ereprijscoaching.nl

vrijdag 13 juni 2025

 

HET BEDRIEGERSFENOMEEN: WHAT YOU SEE, IS WHAT YOU GET.

Op 7 juni las ik in het Volkskrant Magazine over de week van zangeres Naaz.  Ze worstelt blijkbaar al lang met depressiviteit en ‘laat zich geregeld in de luren leggen door het oplichterssyndroom’. Op 1 maart onthulde de rubriek over Martin Rombouts al dat hij last heeft van dit probleem.

Komt het bij bekende mensen vaker voor, of worden ze erop uitgekozen? Geen van beide denk ik, maar ik ben blij met hun onthullingen. Natuurlijk gun ik niemand dit probleem, maar hoe meer mensen zich erover uiten, hoe sneller het 'normaal' wordt. Dat het zowel een man als een vrouw betreft, zet het beeld dat vrouwen er vaker tegenaan lopen, ook op losse schroeven.



Mijn werk voor mijn boek over bedriegersgevoelens leerde me hoe moeilijk het voor mensen is om hier open over te zijn. Dat mannen dat nog zeldener doen dan vrouwen, bewijst niet dat het bij hen minder voorkomt, wel geeft het aan dat zij er meer moeite mee lijken te hebben. Stoer doen als je hevig twijfelt aan jezelf, is vaak makkelijker dan opbiechten dat je het allemaal niet zo goed weet en kwetsbaar zijn.

De Volkskrant noemt het niet impostersyndroom, maar oplichterssyndroom. Zo komt de auteur deels tegemoet aan mijn bezwaar tegen de gevestigde term. Enkele weken geleden legde ik op Linkedin al uit, waarom volgens mij de benaming ‘syndroom’ ook onjuist is. 1)

Waarom ik voor een Engelse titel kies, als ik onnodig Engels wil vermijden? Een ingeburgerd Nederlands gezegde met dezelfde lading vond ik niet. Wel pogingen om een passende vertaling te geven.

De Zin & Zijn Company vertelt dat iemand die over zichzelf zegt: 'What you see is what you get', bedoelt: 'Ik laat me zien zoals ik ben en heb geen verborgen agenda'. Stilletjes denkt hij daarna dan vaak: 'en nu maar hopen dat dat voor anderen goed genoeg is'.

Dat raakt de kern van het bedriegersfenomeen. Wie eraan lijdt, vindt dat hij zijn ware ik verbergt. Hij denkt zich beter voor te doen dan hij is en door daar niet eerlijk over te zijn, het vermeend onjuiste beeld dat anderen van hem hebben in stand te houden. Hij vreest dat zijn echte ik teleur zal stellen.

Daar is echter totaal geen reden toe, want in feite heeft hij geen geheime agenda. Je krijgt wat je ziet. Bovendien komt dit fenomeen, zoals we zagen, in de beste kringen voor. Denk ook aan Michelle Obama, Meryl Streep, Albert Einstein en Tom Hanks. Ex-premier van Nieuw-Zeeland Jacinda Ardern vertelde naar aanleiding van haar boek over empathisch leiderschap ook lid te zijn van de groep. 2)

'Wees jezelf, er zijn al genoeg anderen', adviseert de Zin & Zijn Company.
Een wijs advies, maar het vraagt moed om het op te volgen.

2) https://www.nrc.nl/auteur/meike-wijers/

zaterdag 7 juni 2025

 

Over het bedriegersfenomeen: 
van motto naar motto.

De hoofdstukken van mijn boek over het bedriegersfenomeen ‘De stille kracht van twijfel’ dat binnenkort verschijnt, hebben motto’s en een ervan is van Stef Bos.

De golven zijn de dagen, de dagen van het jaar.
En het lijkt of zij vertellen hoe het ons vergaat.
Maar de onderstroom die niemand ziet, bepaalt de richting op elk gebied’.




Dit motto geeft de strekking van het bewuste hoofdstuk weer, maar ook die van het hele boek.
Toen ik de biografische gegevens bij de motto’s bij elkaar zocht, stuitte ik op een voorstelling van Stef Bos in onze schouwburg, de Maaspoort, die binnenkort zou plaatsvinden. Ik deed wat ik vrijwel nooit doe: ik boekte spontaan een ticket en plaatste de datum in mijn agenda.

Zo was ik gisteravond te gast in een volle Maaspoort waar vanaf het begin een warme en ontvankelijke sfeer heerste.

Ik ken Bos al lang als zanger. Het schoonmaken van mijn huiskamer en keuken vind ik alleen een acceptabele klus, als ik daarbij luister naar ‘Witsand’, waarin het land van zijn vrouw, Zuid-Afrika, vereeuwigd is in de mooiste teksten. ‘Want suikerbossie ek wil jou hê' en ‘De vrouwen hier, ze buigen, maar ze breken niet.’ Ik was jaren geleden in Zuid-Afrika en als ik de zanger hoor, ben ik er weer. In een prachtig land met een beladen geschiedenis en de magie ervan proef ik in veel van zijn liederen.

Dat was gisteravond ook op veel momenten het geval. Als hij zong over zijn vrouw en dochters, van wie hij er een de naam, Lorelei, gaf...

Zijn zang- en vooral tekstuele kwaliteiten waren mij dus bekend, maar ik wist niet dat hij ook een onderhoudend entertainer kan zijn. Met verhalen over de ontstaansgeschiedenis van zijn liederen, over hoe hij in het leven staat en hoe dat vroeger was.
Het meest treffend was voor mij het lied ‘Vertel mij wie ik vroeger was’.

'Vertel me wie ik vroeger was
Vertel me wat ik niet wil weten
En waarvoor ik ben gevlucht
Vertel me wie ik vroeger was
Vertel me wat ik ben vergeten
Geef mij aan mezelf terug
Geef mij aan mezelf terug.'


‘Geef me aan mezelf terug’, een nieuw motto voor mijn boek. Want dat is wat veel mensen met bedriegersgevoelens nodig hebben. Dat ze zichzelf terugvinden, niet alleen hun jongste herinneringen, maar ook - daarvoor nog - hun jongste verlangens en behoeftes en daar weer gehoor aan leren geven. Dat ze loyaal worden aan hun eigen wensen en loskomen van schadelijke afhankelijkheden.
Het was dan ook mooi dat Bos zijn voorstelling afsloot met Ramses Shaffy’s ‘Laat me’.

Laat me, laat me, laat me mijn eigen gang maar gaan
Laat me, laat me, ik heb het altijd zo gedaan’.

Of ik de voorstelling aanbeveel? Wat denk je?
Bedankt Stef Bos, bedankt Ramses Shaffy.

zaterdag 24 mei 2025

IMPOSTERSYNDROOM, 

EEN VLAG DIE DE LADING NIET DEKT…


'Hoe heet het thema ook weer?’ hoor ik vaak van mensen met wie ik het eerder over mijn boek had. Het woord ‘bedriegersfenomeen’ beklijft niet zo goed en dat het meer bekend staat als ‘impostersyndroom’ werkt verwarrend. ‘Impostorsyndroom’, het Engelse woord voor bedrieger is impostor met een o.
Ik noteerde die term in mijn boek alleen, als ik verwees naar boektitels en in citaten. Zelf verkies ik 'bedriegersfenomeen'. Wil je weten waarom?
Ten eerste kies ik voor Nederlandse woorden, als er bruikbare bestaan. Een ‘impostor’ is een bedrieger of oplichter. Prima woorden, ook omdat 'impostor' minder gangbaar lijkt dan ‘fraud’ en ‘cheat’.



Ook is er geen syndroom in medische zin. Alle symptomen van een ziekte vormen samen een syndroom. Denk aan het syndroom van down. Iemand met downsyndroom heeft een lichte tot ernstige, verstandelijke beperking en vaak ook fysieke problemen. Mensen met downsyndroom ontwikkelen zich trager. De problemen worden veroorzaakt door een extra chromosoom in de cellen van hun lichaam.
Het syndroom van Guillain-Barré is een aandoening van het zenuwstelsel, een auto-immuunreactie, met toenemende spierzwakte en spierverlamming als gevolg.

Doordat er sprake is van een structurele, fysieke oorzaak kun je van zo'n syndroom niet ‘genezen'. Iets in het lichaam functioneert niet adequaat, waardoor de symptomen ontstaan en blijven.
Bij het bedriegersfenomeen is geen sprake van een lichamelijke oorzaak. Het is een schadelijk gedachtenpatroon dat maakt, dat iemand er niet op durft te vertrouwen dat zijn prestaties het resultaat zijn van zijn eigen kwaliteiten. Dat maakt dat hij iemand die hem een compliment maakt, niet vertrouwt of in ieder geval vindt dat hij dat compliment niet verdient. Hij had immers alleen maar geluk of het toeval heeft hem geholpen. Maar hij meldt dit niet en gaat schuil achter zijn masker.
Bij iemand met downsyndroom of het syndroom van Guillain-Barré zouden de symptomen op een onbewoond eiland net zo aanwezig zijn als tussen de mensen. Die symptomen zijn niet afhankelijk van de sociale omgeving.
Dat ligt anders bij het bedriegersfenomeen. Om te ontsnappen aan die nare gedachten trekken veel mensen die er last van hebben zich graag terug. Zonder anderen om hen heen kunnen ze zichzelf zijn, hoeven ze de schijn niet op te houden en kunnen ze hun maskers afzetten.
Omdat het geen ziekte is en je je met de juiste hulp wel degelijk van deze denkpatronen kunt bevrijden (en omdat ik kies voor Nederlandse woorden), vind ik de term bedriegersfenomeen beter dan impostersyndroom.